Joanna Macy (1929-2025): een bron van Actieve Hoop
Van 2018 tot en met 2023 begeleidde Helena ter Ellen, oud-CIMIC-leerlinge en docente, de Waarheidscommissie in Colombia met bijzondere workshops, genaamd: ‘Re-Conectando: laboratoria voor waarheid en verzoening in de buik van Moeder Aarde’. Dit proces was onder meer gebaseerd op het Werk dat weer Verbindt van Joanna Macy, die op 19 juli 2025 vredig is heengegaan, 96 jaar oud. Ze laat een inspirerend en visionair levenswerk na, dat vandaag meer dan ooit helpt om door deze turbulente tijden te navigeren, om te gaan met eco-angst, licht te vinden in het donker en onze inzet voor de Grote Ommekeer te voeden. Met Het Werk dat weer Verbindt schonk ze de wereld een krachtige en transformerende visie en methode die talloze mensen heeft geraakt en gedragen. Een klein eerbetoon aan haar weg en indrukwekkende nalatenschap.
Onderstaand artikel is gebaseerd op een artikel van de Zwitserse ecotheoloog Michel-Maxime Egger, vertaald en aangepast door Helena ter Ellen.
Of we nu spreken over het ‘Antropoceen’ of iets anders, we leven in een nieuwe geologische tijd waarin de menselijke soort diep ingrijpt in het Aardesysteem. Dat leidt tot enorme ecologische schade en klimaatontwrichting.
Joanna Macy (1929–2025) noemde deze situatie ‘radicale onzekerheid’ en zag daarin al sinds de jaren tachtig de dringende nood aan de Grote Ommekeer (the Great Turning).
Het gaat daarbij niet alleen om het beschermen van het milieu, maar om een culturele, psychologische en spirituele omwenteling van het paradigma dat aan ons vernietigende kapitalistische systeem ten grondslag ligt.
Daarvoor volstaat het niet alleen aan (uiterlijke) milieubescherming te doen via internationale afspraken op COPs, wetten, groene technologie of dagelijkse milieuvriendelijke gebaren. Ze moet worden aangevuld met een innerlijke en verticale ecologie.
Dat impliceert een diepgaande herziening van onze voorstellingen van de natuur en van de plaats van de mens daarin, een werk aan onze innerlijke drijfveren en emoties zoals angst en verlangen, een herverbinding tussen hoofd en hart, en ten slotte een herziening van onze kennismodellen en waardesystemen, het ‘composteren’ van gevoelens en emoties als angst, verdriet, woede, machteloosheid en ontmoediging.
Zonder een transformatie van harten en bewustzijn zullen we er niet in slagen het evenwicht van de planeet te herstellen en een werkelijk duurzame en rechtvaardige wereld op te bouwen.
De sleutelrol van spiritualiteit
Deze nieuwe benadering van ecologie, gericht op de zoektocht naar herstelde relaties met de Aarde en alle wezens die haar bewonen, heeft de afgelopen dertig jaar steeds meer aan belang gewonnen.
Ze ontvouwt zich in het bijzonder langs twee assen. Enerzijds de ecopsychologie, die de diepe wisselwerking onderzoekt tussen de menselijke psyche en de Aarde, gezien als een levend superorganisme met een ziel.
Anderzijds de ecospiritualiteit, die expliciet opent naar een dimensie van mysterie en het onzichtbare, van transcendentie en het sacrale, niet te reduceren tot de vele namen en vormen – doctrinair, symbolisch en ritueel – die eraan gegeven worden door geïnstitutionaliseerde religieuze tradities.

Joanna Macy is een van de grote figuren van deze ‘stille revolutie’. Ze behoort tot de weinigen die aan beide stromingen – ecopsychologie én ecospiritualiteit – deelnemen.
De antropoloog Leslie E. Sponsel ziet haar als een ‘vrouw van synergiën’, een ‘visionair’ en een ‘fundamentele katalysator’ van dit nieuwe actie- en onderzoeksveld.
Als boeddhist benadrukt Joanna Macy duidelijk het essentiële belang van spiritualiteit om de overgang naar levensondersteunende samenlevingen te volbrengen:
“Ondanks onze conditionering door twee eeuwen industriële maatschappij willen we de sacrale dimensie van de wereld terugvinden. […] Zonder een minimale verankering in een spirituele praktijk die het leven als heilig beschouwt en een vreugdevolle verbondenheid met alle levende wezens bevordert, is het vrijwel onmogelijk om de enorme uitdagingen het hoofd te bieden waarmee we geconfronteerd worden.”
Dat Joanna Macy een scharnier vormt tussen ecopsychologie en ecospiritualiteit hoeft niet te verbazen. Het weerspiegelt haar persoonlijkheid, haar levensweg, haar geschriften en haar activiteiten, die vele dimensies omvatten.
Geboren in 1929 in Los Angeles, opgegroeid in New York, hoogleraar aan verschillende universiteiten en auteur van een twaalftal boeken, verwijst ze graag naar Rainer Maria Rilke, haar favoriete dichter aan wie ze een bundel wijdde: “Ik leef mijn leven in steeds ruimer wordende cirkels die ik trek boven de dingen.”
Deze metafoor inspireerde ook de titel van haar autobiografie, Widening Circles (2000). Haar visie en haar engagement zijn het resultaat van vijf cirkels die in feite één geheel vormen.
Christelijke wortels
De eerste cirkel zijn haar christelijke wortels. Haar grootvader was presbyteriaans predikant in het westen van de staat New York, waar zij als kind veel vakanties doorbracht.
“De Kerk was een constante en onbetwiste aanwezigheid in mijn opvoeding. […] Op mijn zestiende was ik goed doordrenkt van het protestantse christendom,” schrijft ze.
Ze studeerde Bijbelwetenschappen aan het prestigieuze Wellesley College nabij Boston. Tijdens haar studie diende ze als tolk van Albert Schweitzer, de grote pleitbezorger van het ‘respect voor het leven’, tijdens diens bezoek aan New York.
Hoewel ze God als een ‘warme en omhullende’, onmiddellijke en numineuze aanwezigheid had beleefd in haar kindertijd, leidde de studie op het Wellesley College tot een ontluistering en een gevoel van leegte van deze Goddelijke energie, en een vernauwing van het christelijke geloof tot een reeks morele voorschriften.
Ze voelde zich gevangen in een soort ‘spirituele claustrofobie’ en vloog uit naar andere intellectuele en geografische horizonten – onder meer om in Frankrijk te studeren.
Toch hield ze uit dit christelijke bad van haar jeugd de diepe overtuiging over dat de mens op Aarde is om redenen die veel verder reiken dan zijn of haar individuele ambities.
Boeddhistische initiatie
De tweede cirkel is de ontdekking van het boeddhisme via ontmoetingen met Tibetaanse meesters, in het bijzonder Choegyal Rinpoche. Macy maakte kennis met de boeddhistische weg tijdens haar werk met Tibetaanse vluchtelingen in India, waar zij – samen met haar drie kinderen – zich bij haar echtgenoot Francis Underhill Macy voegde, die er in 1964 werd benoemd tot adjunct-directeur van het Peace Corps.
Ze trok zich terug voor retraite in de Himalaya en werkte in Sri Lanka met Sarvodaya Shramadana, een boeddhistische, geweldloze en geëngageerde beweging die door A. T. Ariyaratne werd opgericht en duurzame, solidaire plattelandsgemeenschappen ondersteunde.
Van het boeddhisme leerde Macy de noodzaak om het lijden recht in de ogen te kijken. Meer nog: ze ontwikkelde er innerlijke bronnen om dat lijden te dragen, ermee te leven en het te transformeren in levenskracht.
Het boeddhisme opende haar ook voor de ervaring van compassie als organisch antwoord op de onderlinge afhankelijkheid van alle dingen, de wet van het web van het leven.
Zoals ze schrijft: “De bodhisattva is de belichaming van compassie die eenvoudig en vastberaden handelt in naam van alle wezens, en die zich laat bezielen – en eigenlijk bevrijden – door haar onderlinge afhankelijkheid met hen.”
In haar boek Mutual Causality in Buddhism and General Systems Theory (1991) laat ze zien hoe de boeddhistische visie aansluit bij de systeemtheorie.
Een van de kenmerken van het boeddhisme is volgens haar “de helderheid en gesofisticeerdheid dat het biedt om de dynamiek van het Zelf te begrijpen” als onderdeel van een voortdurend evoluerend ecologisch geheel.
Bovendien onthult het hoe misleidend de fixatie op een afzonderlijk, substantieel zelf is.
Systeemtheorie
De derde cirkel is haar academische vorming. Joanna Macy promoveerde in de algemene systeemtheorie. Dit gaf haar krachtige conceptuele instrumenten voor een holistisch en organisch begrip van de problemen van de planeet.
Zij werd in deze benadering onder meer gevormd door de filosoof Erwin Laszlo, die haar doctoraatswerk begeleidde, en door antropoloog Gregory Bateson, wiens seminaries ze volgde.
Door te verschuiven van delen naar gehelen, van substanties naar processen en onderlinge verbanden, door de scheiding tussen subject en object, zelf en ander, materie en geest, denken en emoties op te heffen, en door de menselijke identiteit open te stellen naar het vibrerende universum waarvan zij deel is en dat in haar woont, vormt de systeemtheorie voor Macy “de belangrijkste cognitieve revolutie van onze tijd, van de fysica tot de psychologie”.
Ze toont dat “we onze wereld weven tot een levend web dat ons thuis vormt, en dat het aan ons is om dat te onderhouden”.
Diepe ecologie
Dat brengt ons bij de vierde cirkel: de diepe ecologie, ontwikkeld door de filosoof Arne Naess. Vanuit dit perspectief creëerde Joanna samen met de Australische regenwoudactivist John Seed, die ze in 1985 ontmoette, de ‘Raad van alle Wezens’ (Council of All Beings).
Dit is een ritueel waarin deelnemers worden uitgenodigd de maskers van hun vaak egocentrische menselijke ‘ik’ af te leggen en zich te laten aantrekken door een ander wezen uit de natuur, deze een stem te geven en zich ermee te verbinden.
Een manier om te breken met onze antropocentrische houding en om de ontologische eenheid van mens en Aarde te ervaren.
In 1993 publiceerde Macy samen met Seed en Naess Thinking like a Mountain, een bundel teksten, meditaties en praktische oefeningen om dit proces van identificatie met de natuur te ondersteunen.

Actief engagement
De vele dimensies van Macy’s levensweg bleven niet louter persoonlijk. Ze kregen gestalte in praktijken en in burgerlijk en activistisch engagement, vooral voor vrede en ecologie en tegen kernenergie. Dit is de vijfde cirkel.
Kernenergie – gebaseerd op de splijting van uraniumdeeltjes – is voor haar het symbool bij uitstek van de gebroken natuur en van de afscheiding van de mens van de Aarde.
De problemen die kernenergie kan veroorzaken – afval en rampen zoals Tsjernobyl in 1986, waar ze workshops gaf met slachtoffers – confronteerden haar met gevoelens van ontkenning, machteloosheid en wanhoop in het licht van de ecologische crisis (Despair and Personal Power in the Nuclear Age, 1983).
Om deze gevoelens te dragen en te transformeren ontwikkelde ze oefeningen en rituelen onder de naam Despair and Empowerment.
Macy initieerde verder het Nuclear Guardianship Project, gelanceerd in Berkeley in 1989, met als doel een burgerlijk en werkelijk verantwoordelijk toezichtsysteem op radioactief afval te creëren. Dat afval zou niet begraven moeten worden – met het risico dat het de Aarde besmet – maar zo mogelijk bovengronds worden opgeslagen, zichtbaar en voortdurend controleerbaar door huidige en toekomstige generaties.
In een bijlage van haar autobiografie formuleert ze “Tien principes voor een ethiek van nucleair toezicht”. Daarin benadrukt ze dat elke generatie “zich zou moeten inzetten om de fundamenten van het leven en het welzijn voor toekomstige generaties te bewaren. Stoffen produceren en achterlaten die de bestaansvoorwaarden van toekomstige generaties aantasten, is moreel onaanvaardbaar.”
Het Werk dat weer Verbindt
Verrijkt door al deze cirkels ontwikkelde Joanna Macy vanaf het midden van de jaren 1980 het Werk dat weer Verbindt. Een krachtige benadering van persoonlijke en collectieve transformatie om bij te dragen aan de noodzakelijke koerswijziging.
Deze Grote Ommekeer is voor Macy het enige realistische verhaal, want ‘business as usual’ – zelfs verbeterd door duurzame ontwikkeling – leidt ons vroeg of laat onvermijdelijk naar de afgrond.
“Het essentiële doel van het ‘Werk dat weer Verbindt’ is om mensen hun natuurlijke verbondenheid met elkaar én met de levende aarde te doen ontdekken en ervaren, evenals met de systemische en zelfregenerende kracht van het grote web van het leven. Zodat ze de energie en motivatie vinden om bij te dragen tot een bloeiende beschaving.”
Met andere woorden: het doel is mensen te helpen hun – innerlijke en sociale – hulpbronnen te ontwikkelen om de sprong te maken van ontkenning naar bewustzijn, van apathie naar verlangen om te handelen, van machteloosheid naar kracht, van competitie naar samenwerking, van wanhoop naar veerkracht, van een gescheiden ik naar een verbonden zelf.
Dit alles is nodig om de dissociatie tussen hoofd (het mentale) en hart (het emotionele) te helen, te stoppen met functioneren als ‘hersenen op stokjes’, en zo toegang te krijgen tot zelfkennis en authentiek leven.
Deze reeks overgangen vormt de kern van wat Macy ‘Actieve Hoop’ noemt – en wat de titel is van een van haar belangrijkste boeken.
Een dynamische spiraal
Het Werk dat Verbindt wordt voorgesteld als een spiraal die zich organisch ontvouwt in vier fasen: wortelen in dankbaarheid, je pijn om de wereld eren, met nieuwe ogen kijken, en weer op pad gaan.
Macy spreekt liever van een spiraal dan van een cyclus, omdat onze ervaring “elke keer dat we door de vier fases gaan, weer anders is. Elke fase verbindt ons opnieuw met onze wereld en kan ons verrassen met zijn verborgen schatten. […] De vier fasen vormen samen een geheel dat meer is dan de som van de delen.”
Het engagement dat uit deze spiraal voortkomt, is geen morele plicht, maar een innerlijke noodzaak. Zoals de krijgers die strijden tegen duistere krachten om het mythische rijk van Shambala te vestigen, worden we bewogen door diep verlangen, wijsheid en compassie.
Deze ontstaan als het ware organisch uit onze ontologische eenheid en onze onderlinge afhankelijkheid met het web van het leven. We beseffen dat wat we anderen en aan de Aarde aandoen, we onszelf aandoen en omgekeerd.
Ons werk voor de wereld moet “niet langer worden beleefd als een veeleisende en intimiderende oefening van zelfopoffering”, maar als de uitdrukking van “een steeds vernieuwende stroom die door ons heen vloeit”.
We participeren in een collectieve en kosmische energie die ons draagt, kracht en moed geeft, en een creatief verlangen om voort te gaan.
Concreet kan dit engagement vele vormen aannemen, individueel en collectief: acties van verzet en bescherming tegen milieuschade; het creëren van alternatieven; reflectiewerk om wereldbeelden en waardesystemen te laten evolueren; de transformatie van levensstijlen; een spirituele weg en bewustzijnsontwikkeling.
Joanna Macy Celebration of Life Slideshow Hier een eerbetoon van het Work that Reconnects-netwerk, met fragmenten van haar conferenties.
Actieve Hoop
De oefeningen van het Werk dat Verbindt werden uitgebreid beschreven in ‘Terugkeer naar het Leven’ (Coming back to Life), waarop het boek ‘Actieve Hoop’ de onmisbare aanvulling vormt.

Dit boek verduidelijkt en verdiept de betekenis van het Werk dat weer Verbindt, presenteert de ecologische, filosofische, psychologische, politieke en spirituele achtergronden van de vier fasen van de spiraal en biedt verdere concrete suggesties voor toepassing.
De praktische oefeningen tonen dat concrete actie ook een bron van kracht vormt, omdat ze ons helpt onze machteloosheid om te zetten in een bezielde bijdrage aan een betere wereld. Actieve Hoop bevat ook belangrijke reflecties voor een andere visie op de werkelijkheid en een nieuw bewustzijn, gevoed door de convergentie tussen systeemtheorie, diepe ecologie en herontdekte wijsheidstradities – bevrijd van hun dogmatische aspecten.
Aanpasbaar aan allerlei contexten en doelgroepen, heeft het Werk dat weer Verbindt Joanna Macy wereldwijd bekend gemaakt. Haar methoden worden in vele structuren toegepast en verder ontwikkeld. Duizenden mensen, niet alleen in de Verenigde Staten maar op alle continenten, hebben deelgenomen aan sessies en rituelen van Joanna Macy of van organisaties die haar benadering verspreiden.
Het werk dat Helena ter Ellen samen met haar team heeft ontwikkeld in Colombia ter begeleiding van de Waarheidscommissie en het vredesproces aldaar is er een sprekend voorbeeld van.
Ook in België, Nederland, en andere Europese landen worden regelmatig workshops aangeboden. Ze brengen mensen samen uit de meest uiteenlopende filosofische, wetenschappelijke en religieuze tradities.
Door zijn openheid, soepelheid en transdisciplinaire karakter heeft het Werk dat weer Verbindt een universele dimensie en een sterk mobiliserend vermogen.
“Wanneer mensen in staat zijn de waarheid te zeggen over wat ze weten, zien en voelen in relatie tot wat er in de wereld gebeurt, vindt er een transformatie plaats. Ze krijgen meer bereidheid om te handelen en een hernieuwde honger naar het leven.”
Veel deelnemers getuigen hoe de oefeningen en het delen van emoties hen hebben bevrijd, een vonk van hoop in hen hebben aangestoken, onverwachte krachten hebben wakker gemaakt en het verlangen naar creatieve antwoorden hebben gewekt.
Belangstelling gewekt?
In Vlaanderen bieden o.m. centrum Waerbeke en het Hummushuis workshops aan in Actieve Hoop en het Werk dat weer Verbindt.
Ook in Nederland worden deze op verschillende plekken aangeboden.
In Franstalig België is Terr’Eveille (mede opgericht door Helena ter Ellen) al sinds 2009 actief met het Werk dat weer Verbindt. Hier ook de Colombiaanse website van Re-Conectando.
Op de internationale website staat een groot aanbod van workshops wereldwijd: www.workthatreconnects.org
Samen met CIMIC bekijkt Helena ter Ellen of een kennismaking met dit krachtige werk mogelijk is. Als dat zo is, wordt dit aangekondigd via deze nieuwsbrief.
Bibliografie
Joanna Macy heeft een groot aantal boeken geschreven, zie hier een (niet uitputtend) overzicht: https://www.joannamacy.net/main#books; twee daarvan zijn vertaald in het Nederlands (zie hieronder):
‘Terugkeer naar het Leven’ en ‘Actieve hoop’

Het laatste boek over de ontwikkeling van het Werk dat weer Verbindt in de wereld, verrijkt met nieuwe inzichten rond sociale rechtvaardigheid en systemische onderdrukking is net gepubliceerd: Coming Together in The Great Turning. Hierin is ook het artikel van Helena ter Ellen en haar team over Re-Conectando opgenomen.

Aravinda Ananda, Molly Young Brown, Kurt A Kuhwald, Coming Together in The Great Turning. Collective Liberation and Work That Reconnects, uitgeverij New Society Publishers, Gabriola, British Columbia, Canada, 16 December 2025, 424 p., ISBN 9781774060131
Lees verder (inhoud december 2025)
